Als casting director voor merken als Zara, Diesel en Vivienne Westwood bepaalt Emma Matell mee het schoonheidsideaal. Ze draagt inclusiviteit hoog in het vaandel en schreef geschiedenis door vorig jaar een blind model met geleidehond te casten in een modeshow. Tijdens een drukke Copenhagen Fashion Week gingen we met haar op de koffie.
We ontmoeten Matell in de lobby van het NH Collection Hotel, enkele uren na de IAMISIGO-show waarvoor ze de casting deed. Meer nog: Matell maakt al enkele jaren deel uit van de jury van de Zalando Visionary Award. Deze wordt één keer per jaar uitgereikt aan een opkomende designer die zich inzet op gebied van duurzaamheid, maar ook een speciale toewijding aan creativiteit, innovatie en positieve sociale impact toont. De winnaar wordt niet alleen opgenomen in het showprogramma van Copenhagen Fashion Week maar ontvangt ook een geldprijs van 50.000 euro én financiële steun voor de productie van de show.
Dit jaar ging de award naar IAMISIGO, het merk van de Nigeriaanse ontwerpster Bubu Ogisi, dat op unieke wijze Afrikaans erfgoed weet te verweven met hedendaags design. Het merk vertaalt textieltradities uit het hele continent in avant-gardistische kledingstukken en accessoires, wat resulteert in een gedurfde, eigentijdse collectie.
Voor het allereerste defilé van IAMISIGO tijdens Copenhagen Fashion Week verzorgde Emma Matell de casting, wellicht de meest diverse en inclusieve show van de week.
Q&A: Casting director Emma Matell over échte inclusiviteit in de mode
Een openhartig gesprek over wat inclusiviteit écht betekent, en waar de modewereld nog te kort schiet.
Wat betekent ‘visionair’ voor jou wanneer het op mode aankomt?
Emma Matell: “Voor mij is dat iemand met een authentiek standpunt dat op een mooie manier impact heeft op de omgeving, zonder dat die persoon daar overdreven hard zijn best voor moet doen.”
Waar let je specifiek op als jurylid?
EM: “Als casting director ben ik misschien wat bevooroordeeld en kijk ik altijd eerst naar de casting. Voor mij weerspiegelt deze namelijk de waarden van een merk. Je kan er veel uit afleiden: wie willen ze in hun kleren, wie zien ze als hun consument? Daarnaast vind ik het inspirerend om te zien hoe merken hun kleren verkopen, via welke kanalen, met welke processen in de productieketen… ”
Wat moet er volgens jou nog gebeuren om modeshows of shoots echt vooruitgang te laten boeken op het vlak van inclusiviteit?
EM: “Ik denk dat het belangrijk is om te kijken naar de structuur van bedrijven: wie neem je aan, op wie richt je je bij het ontwerpen, welke lichamen houd je in gedachten? Sommige merken tonen inclusiviteit op de catwalk, maar niet achter de schermen, bijvoorbeeld in wie ze aanwerven of in wat ze daadwerkelijk verkopen. Soms zie je bijvoorbeeld een fantastisch curvy model op de catwalk in een prachtige jurk, maar die jurk bestaat niet in de collectie.”
Wat is het meest gehoorde excuus van merken om niet inclusiever te zijn?
EM: “Dat gaat meestal over de sample size, een productieprobleem dus. Kleren worden vaak ontworpen op een paspop van één standaardmaat. Bij het vergroten naar andere maten wordt er gewoon extra stof toegevoegd, zonder rekening te houden met hoe lichaamsverhoudingen veranderen. Dat heeft te maken met hoe modeopleidingen werken. Als studenten enkel leren werken op één maat, lijkt het alsof iedereen die daar niet in past, ‘verkeerd’ is.”
Dus er moet iets veranderen in de scholen?
EM: “Zeker. Waarom hebben modescholen bijvoorbeeld geen paspoppen in andere maten? Kleine ingrepen kunnen al een groot verschil maken. Vorig jaar bijvoorbeeld heeft Sinead, de toenmalige winnares van de Zalando Visionary Award, een paspop op maat laten maken, wat erg duur was. Zij gebruikte vaak de modellen waarmee ze werkte om op te passen. Ontwerpers zoals Bubu Ogisi van IAMISIGO maken kleren die flexibel passen op veel verschillende lichamen, met doordachte details zoals verstelbare korsetten of striksluitingen.”
En als een merk zegt dat ze maar één sample size hebben, hoe reageer je dan?
EM: “Ik begrijp het ergens wel, zeker bij jonge ontwerpers: het is duur en het hele systeem zit zo in elkaar. Maar voor grotere merken is er eigenlijk geen excuus.”
Vorig jaar castte je een blind model met haar geleidehond voor Copenhagen Fashion Week. Hoe ging dat?
EM: “Heel vlot, eigenlijk. Er was veel steun, ook vanuit Zalando. We werkten samen met een organisatie die projecten doet met blinde mensen. Alles verliep probleemloos.”
En denk je dat het iets in gang heeft gezet in de sector?
EM: “Moeilijk te zeggen, maar cultureel gezien heeft het zeker impact. Zo werd de show bijvoorbeeld opgenomen in een tentoonstelling van het V&A. Zulke keuzes tonen wat mogelijk is en zijn belangrijk voor mensen uit de blinde gemeenschap.”
Wat is het ene punt op vlak van inclusiviteit dat de sector niet langer mag negeren?
EM: “Ik zou zeggen: start met mensen met een beperking. Als je ruimte maakt voor hen, maak je automatisch ook ruimte voor veel anderen.”
Zie je de voorbije jaren een echte vooruitgang of eerder achteruitgang?
EM: “Er was een paar jaar geleden zeker een piek, maar nu is het wat teruggevallen. Plus size modellen hadden in 2021 bijvoorbeeld meer werk dan nu. Het voelt soms aan als een trend. Gelukkig zijn er jonge ontwerpers die hun waarden trouw blijven en inclusiviteit blijvend doorduwen. Maar op grote schaal voelt het soms performatief.”